HomeEAA Nederland: de toegankelijkheidswet voor webshops

🇬🇧 Read this page in English · 🇫🇷 Lire en français

European Accessibility Act · Nederland

EAA in Nederland: wat jouw webshop moet doen

Bijgewerkt op 2 juli 2026 Leestijd: 8 min Met juridische bronnen

In het kort

In Nederland wordt de European Accessibility Act toegepast via de Implementatiewet toegankelijkheidsvoorschriften producten en diensten, van kracht sinds 28 juni 2025. Verkoop je online aan Nederlandse consumenten — ook vanuit het buitenland — dan val je hoogstwaarschijnlijk onder de regels. Onthoud dit:

  • er is geen aparte Nederlandse toegankelijkheidswet: de implementatiewet voegt de plicht toe aan bestaande wetten (Warenwet, Burgerlijk Wetboek, Telecommunicatiewet);
  • e-commerce is een gedekte dienst, met de ACM (Autoriteit Consument & Markt) als toezichthouder;
  • de ACM kan bestuurlijke boetes opleggen met een algemeen maximum van € 900.000 (of, indien hoger, een percentage van de omzet);
  • de technische norm blijft EN 301 549, die de WCAG 2.1 niveau AA bevat; je moet ook toegankelijkheidsinformatie over je dienst publiceren.

Nederland is een van de meest volwassen e-commercemarkten van Europa. Verkoop je hier, dan is toegankelijkheid niet langer optioneel. Het Nederlandse eigenaardige: anders dan Spanje (Ley 11/2023) of Italië (D.Lgs. 82/2022) is er geen enkele tekst die je kunt googelen. De verplichting zit ín bestaande sectorale wetten. Dit verandert er concreet.

Welke wet: de Implementatiewet

De Nederlandse omzettingswet is de Implementatiewet toegankelijkheidsvoorschriften producten en diensten. Zij past richtlijn (EU) 2019/882 toe, de European Accessibility Act. De Eerste Kamer nam de wet aan op 2 april 2024 en zij trad in werking op 28 juni 2025, volgens de Europese planning.

Het bijzondere: het is een kaderwet die geen eigen toegankelijkheidswetboek creëert. In plaats van een zelfstandige tekst wijzigt zij bestaande wetten om er de toegankelijkheidseisen in op te nemen: de Warenwet voor producten, de Telecommunicatiewet voor telecom, en het Burgerlijk Wetboek voor diensten aan consumenten, waaronder e-commerce. Zoek dus niet naar « de Nederlandse toegankelijkheidswet »: de plicht die jou raakt zit in het Burgerlijk Wetboek en de daarop gebaseerde regelgeving.

Gevestigd in het buitenland maar je verkoopt in Nederland? Wat de plicht activeert is de beoogde markt, niet het land van je vestiging. Een webshop die producten of diensten aanbiedt aan consumenten in Nederland valt onder het Nederlandse regime voor die activiteit. Een webshop die in meerdere EU-landen verkoopt, stapelt de betreffende nationale regimes.

De technische norm: EN 301 549 / WCAG 2.1 AA

Nederland vindt de technische criteria niet opnieuw uit. Zoals overal in de Unie wordt de conformiteit van een dienst vermoed wanneer die voldoet aan de geharmoniseerde normen waarvan de referenties in het Publicatieblad van de EU staan. Voor webdiensten is de relevante norm EN 301 549, die de Web Content Accessibility Guidelines (WCAG) 2.1, niveau AA bevat.

Eerlijk gezegd. De Nederlandse tekst noemt niet letterlijk « WCAG 2.1 AA »: net als de richtlijn verwijst hij naar de Europese geharmoniseerde normen. Via dat mechanisme wordt EN 301 549 — en dus WCAG 2.1 AA — het concrete conformiteitskader. Het technische doel voor je site blijft dus in de praktijk WCAG 2.1 niveau AA.

Concreet zijn de eisen dezelfde als elders in Europa: voldoende kleurcontrast, tekstalternatieven voor afbeeldingen, toetsenbordnavigatie, correct gelabelde formulieren, een paginastructuur die leesbaar is voor hulptechnologie. Voor e-commerce legt de wet extra nadruk op de toegankelijkheid van identificatie, beveiliging en betaling. Een site die al voor WCAG 2.1 AA is ontworpen, voldoet aan de kern van de wet.

Hoeveel: het sanctieregime (toezicht ACM)

Hier onderscheidt het Nederlandse model zich. Het toezicht op de toegankelijkheid van e-commercediensten ligt bij de Autoriteit Consument & Markt (ACM) — één administratieve toezichthouder met een sterke handhavingscultuur online. De ACM beschikt over een bestuurlijke sanctiebevoegdheid met als algemeen maximum:

Bron: bestuurlijke sanctiebevoegdheid van de ACM (algemeen boetemaximum in het Nederlandse recht). De ACM weegt ernst, duur en gedrag mee, en kan ook naleving afdwingen met een last onder dwangsom.
Maatregel van de ACMBedrag (maximum)Aard
Bestuurlijke boete tot € 900.000 of, indien hoger, een percentage van de omzet
Last onder dwangsom bedrag per dag vertraging dwingt tot herstel, anders loopt de dwangsom op
Lees « € 900.000 » niet als een nieuwe, automatische EAA-boete. Dat maximum is de algemene sanctiebevoegdheid van de ACM, gereserveerd voor de ernstigste overtredingen en per geval beoordeeld. Voor een webshop is de meest directe hefboom niet de boete maar de last onder dwangsom: de ACM kan eisen dat je bestelproces wordt hersteld, met een bedrag per dag vertraging. Wees kritisch bij artikelen die één bedrag presenteren als « de EAA-boete in Nederland »: dat is de bovenkant.
De micro-uitzondering is smal — en geldt alleen voor diensten. Micro-ondernemingen die diensten leveren (minder dan 10 personen en een jaaromzet of balanstotaal van maximaal € 2 miljoen) zijn vrijgesteld van de toegankelijkheidseisen. Een micro-onderneming die producten op de markt brengt is slechts gedeeltelijk ontlast, niet vrijgesteld. De meeste gevestigde webshops en SaaS-bedrijven overschrijden een van beide drempels. Ga niet zomaar uit van vrijstelling.

Wie houdt toezicht? De ACM (en sectorale toezichthouders)

Voor e-commerce is de bevoegde toezichthouder de ACM. Het Nederlandse landschap verdeelt het toezicht per sector: bancaire en financiële diensten aan consumenten vallen onder de AFM (Autoriteit Financiële Markten), elektronische communicatie onder de telecomtoezichthouder (RDI). Dat is overzichtelijker dan het Spaanse gedecentraliseerde model per regio: voor een webshop is het aanspreekpunt duidelijk, dat is de ACM.

Toezicht kan worden getriggerd door een melding — bijvoorbeeld een persoon met een beperking die een aankoop niet kan afronden — net zo goed als door eigen onderzoek van de toezichthouder.

Het verplichte document: de toegankelijkheidsinformatie

Naast de technische toegankelijkheid moet de dienstverlener toegankelijkheidsinformatie over zijn dienst verstrekken, op te nemen in de algemene voorwaarden of een gelijkwaardig document, met uitleg over hoe de dienst aan de toepasselijke toegankelijkheidseisen voldoet. Deze plicht komt rechtstreeks uit de richtlijn (bijlage V) en is overgenomen in het Nederlandse recht. Zij moet actueel blijven zolang de dienst wordt aangeboden.

Verwar twee regimes niet. Deze toegankelijkheidsinformatie van de private sector (EAA) is niet de vaste toegankelijkheidsverklaring die aan de publieke sector wordt opgelegd (overheidssites en -apps, via het Tijdelijk besluit digitale toegankelijkheid overheid, omzetting van richtlijn 2016/2102). Voor de private sector onder de EAA bestaat er geen verplicht model: de aanbieder is vrij in de vorm, mits de vereiste inhoud aanwezig is. Het model van de overheid klakkeloos overnemen is dus niet de juiste reflex voor een privaat bedrijf.

Net als elders is dit document meteen controleerbaar: een toezichthouder hoeft geen tientallen technische criteria te auditen om vast te stellen dat het ontbreekt. Het is de eenvoudigste tekortkoming om te bewijzen.

De valkuil: « toegankelijkheid met 1 klik »-overlays

Widgets als accessiBe of UserWay beloven automatische conformiteit met één regel code. Ze maken je niet conform. Hun werkelijke effectiviteit wordt betwist door belangenorganisaties van mensen met een beperking; in de VS beboette de FTC accessiBe in 2025 met een miljoen dollar voor misleidende conformiteitsclaims. Bovenal herstelt een overlay de broncode van je site niet en levert hij niet de vereiste toegankelijkheidsinformatie.

De verdedigbare weg is het omgekeerde: audit de site, herstel wat kan, en publiceer eerlijke toegankelijkheidsinformatie die de werkelijke staat en het actieplan documenteert.

Hoe word je concreet conform

  1. Audit. Een geautomatiseerde technische scan (WCAG 2.1 AA) vindt een deel van de tekortkomingen — contrasten, afbeeldingsalternatieven, structuur, formulieren. Het vervangt geen volledige handmatige audit, maar legt een feitelijke, becijferde basis.
  2. Herstel de prioriteiten — vaak weinig talrijk en goedkoop (kleurcontrast, formulierlabels, toetsenbordnavigatie).
  3. Publiceer de toegankelijkheidsinformatie, met een exacte conformiteitsstatus en contactgegevens.
  4. Houd bij: conformiteit degradeert bij elke release. Een periodieke herscan voorkomt afdrijven.

Controleer je risico in 2 minuten

DeclareAccess scant een pagina van je site (WCAG 2.1 AA), stuurt je een becijferd rapport van de tekortkomingen, en genereert vervolgens het publicatieklare toegankelijkheidsdocument — Frans (RGAA), Duits (BFSG), Italiaans (Allegato IV), Spaans (art. 13) of Nederlands (toegankelijkheidsinformatie) model. Gratis audit, zonder creditcard.

WCAG-rapport per e-mail binnen 24 werkuren.

Genoteerd. Je auditaanvraag is geregistreerd — je ontvangt je WCAG-rapport per e-mail binnen 24 werkuren.

Veelgestelde vragen

Ik verkoop in Nederland vanuit het buitenland: val ik eronder?

Ja, hoogstwaarschijnlijk. De plicht volgt de beoogde markt, niet het land van vestiging. Zodra je producten of diensten aanbiedt aan consumenten in Nederland, valt je activiteit onder het Nederlandse regime van de Implementatiewet voor die markt. Een webshop in meerdere landen stapelt de betreffende nationale regimes.

Waarom vind ik « de Nederlandse toegankelijkheidswet » niet?

Omdat die niet bestaat als één tekst. De Implementatiewet toegankelijkheidsvoorschriften producten en diensten is een kaderwet die bestaande wetten wijzigt (Warenwet voor producten, Burgerlijk Wetboek voor e-commercediensten, Telecommunicatiewet). De plicht die jouw webshop raakt zit in het Burgerlijk Wetboek, niet in een zelfstandig toegankelijkheidswetboek.

Vraagt de Nederlandse wet iets anders dan de WCAG?

Technisch niet. Conformiteit wordt vermoed voor een dienst die voldoet aan de Europese geharmoniseerde normen; voor het web is dat EN 301 549, die WCAG 2.1 niveau AA bevat. Het verschil zit in het verplichte document (toegankelijkheidsinformatie), de toezichthouder (de ACM) en het Nederlandse sanctieregime.

Valt mijn kleine webshop eronder?

Als je 10 personen of meer hebt, of meer dan € 2 miljoen jaaromzet of balanstotaal, ja. Micro-ondernemingen onder beide drempels die diensten leveren zijn vrijgesteld van de toegankelijkheidseisen, maar voor producten werkt de vrijstelling anders. Bij twijfel geeft een audit je een feitelijk antwoord over de staat van je site, los van je status.

Hoe hoog is de boete in Nederland?

De ACM kan een bestuurlijke boete opleggen met een algemeen maximum van € 900.000 — of, indien hoger, een percentage van de omzet. Dat maximum geldt voor de ernstigste tekortkomingen en is niet automatisch. Voor een webshop is de meest voorkomende hefboom de last onder dwangsom: een bedrag per dag zolang de site niet is hersteld.

Wie controleert de toegankelijkheid van mijn webshop in Nederland?

Voor e-commerce is dat de ACM (Autoriteit Consument & Markt). Financiële diensten vallen onder de AFM en elektronische communicatie onder de telecomtoezichthouder (RDI). Anders dan in Spanje is er geen gedecentraliseerd toezicht per regio: voor een webshop is het aanspreekpunt de ACM.

Maakt een overlay (accessiBe, UserWay) mij conform?

Nee. Een overlay voegt een widget toe waarvan de effectiviteit wordt betwist, herstelt de broncode niet en levert niet de vereiste toegankelijkheidsinformatie. De conforme aanpak is: audit de site, herstel de tekortkomingen en publiceer eerlijke toegankelijkheidsinformatie.